Om vier uur in de ochtend vertrok de groep Sallanders naar bocht 10 en 11. Daar zorgen ze voor muziek en bocht 10 is zelfs voorzien van een microfoon om de Alpe d’HuZessers persoonlijk aan te kunnen moedigen. In het donker worden vlaggetjes opgehangen en aggregaten geïnstalleerd. Iedere bocht op de Alp is volgehangen met spandoeken, foto’s. Alle muurtjes zijn volgekalkt en ook op de weg staan namen. Het is koud, een aantal graden boven nul, en bussen vol renners dalen. Andere deelnemers pakken hun fiets voor een eerste afdaling. Na de drukte en spanning van de avond ervoor, gaat het dan echt beginnen: de Alpe d’HuZes. Materiaal werd voor de laatste maal gecontroleerd, eten klaargemaakt en kleding uitgehangen. Alles klaar voor de dag die telt. De rijders weten dan dat het streefbedrag van 10 miljoen euro dit jaar ruimschoots gehaald is. Dit maakte Peter Kapitein de avond ervoor in het Palais des Sports bekend. Een geweldig bedrag voor KWF Kankerbestrijding en een mooie gedachte om de berg mee op te nemen.

Terug naar de koersdag zelf. Nadat de renners rond half 6 gestart zijn, rijden ze met zijn allen naar de eerste pittige beklimming. Daar, en in elke volgende bocht, staan tientallen kaarsjes te branden. Ieder lichtje brandt voor een dierbaar persoon. Deze kaarsen verlichtten de eerste beklimming naar boven. De eerste fietser die bocht 10 passeert, is Michael Boogerd, die als laatste vertrok. Het is dan 5.45 uur. Als snel gaat er een onafgebroken lint van rijders omhoog. En niet alleen racefietsen beklimmen de berg, de Sallanders zien ook ligfietsen, mountainbikes, een gewone fiets, een handbike, tandems, hardlopers en later op de dag zelfs een skeeleraar omhoog gaan. Fietsen zijn versierd met foto’s, bloemen, knuffels en andere attributen. Alles heeft een speciale betekenis. Namen zijn op handen geschreven om op moeilijke momenten de rijder eraan te herinneren waar het deze dag ook alweer om gaat: de strijd tegen kanker. Opgeven is geen optie.

Gedurende de dag ontstaat een onafgebroken lint van Alpe d’HuZeshelden en – heldinnen. Een opgaande en dalende stroom rijders. Een keer gaat het akelig mis in bocht 10. Al vroeg in de ochtend, rond 9 uur, gaat een renner hard onderuit. De muziek wordt tijdelijk stopgezet. Wanneer de man, die nog aanspreekbaar is, per ambulance is afgevoerd, wordt de stemming langzaam maar zeker weer opgebouwd. De vrijwilligers zijn er tenslotte om iedereen te steunen tijdens hun zes beklimmingen. De temperatuur stijgt met het uur. De opzwepende muziek en aanmoedigingen van de vrijwilligers worden zeer op prijs gesteld. Veel opgestoken duimen, meeswingende renners en grote glimlachen zijn hun beloning. Mooie en ontroerende momenten zijn er genoeg. Iedere renner die trots een aantal vingers opsteekt om te laten zien aan de hoeveelste klim hij bezig is. De moeder die haar dochtertje van 6 (de jongste deelnemer) in diens rolstoel naar boven duwt. Michael Boogerd en Adrie van der Poel die Teun van Vliet ondersteunen. Wielrenners die in de bocht letterlijk stilstaan bij de foto van  een overleden jongetje. Margriet Eshuys en Maarten Peters die live in bocht 10 het Alpe d’HuZeslied zingen. Alle Salland d’HuZessers die stuk voor stuk geweldige prestaties neerzetten. Iedereen is hier met zijn eigen verhaal en voor hetzelfde doel. Wat een geweldige Nederlandse dag in hartje Frankrijk!

 

KADER:

De twee Broeklanders op de tandem waren donderdagochtend eigenlijk niet zenuwachtig. Ze startten om rond half 10 aan de voet van de berg en belandden om 12 uur exact in bocht 10. Gait Middelkamp: ‘Het valt me niet tegen, de klim naar boven. Natuurlijk is het zwaar, maar toch…’ Tijdens hun klom merkten ze dat de achterste positie op hun tandem het zwaarst is. Ze fietsen van bocht naar bocht. Daar stoppen ze steeds om dan even op adem te komen. ‘Zo komen we langzaam aan wel boven, hoor,’ aldus Berry Broekhof. Tussen alle wielrenners valt het tweetal op de tandem op. Ze zijn niet de enigen die op deze manier naar boven gaan. ‘Het is fantastisch wat er allemaal naar boven gaat: er is zelfs een man die met zijn handbike naar boven gaat.’ In bocht 8 staat kok Han van Dijk met iets te eten klaar. Gait: ‘Ons manusje van alles. Hij kookt, wast af en is onze chauffeur. Super!’ Berry vult aan: ‘Eigenlijk doet Han van alles voor ons. Alleen mijn rug, die wil hij niet insmeren. Dat is wel jammer!’ Na een korte drinkpauze gaat het weer verder, op naar bocht 9. Helemaal tot aan de top.

Circa half 3 arriveren de twee bovenop de berg. Berry: ‘We hebben het laatste stukkie gelopen, de benen blokkeerden helemaal. De rit was super. Al die steun onderweg, fantastisch!’

 

 

Dit verslag stond vrijdag 4 juni in de Sallandeditie van De Stentor. Auteur: Karin de Graaff.